21 mrt 2020

U hebt iets te verbergen

Tenzij u nooit heimelijke of stoute gedachten, verdorven fantasieën, intieme gevoelens of gewoon onschuldige ideeën koestert die u liever niet tegen eender wie zegt.
Tenzij u alles wat u tegen uw geliefde zegt ook deelt met uw buurvrouw, collega’s of Jeanine van de hobbyclub.
Tenzij u in adamskostuum over straat loopt en alles wat u maar te binnen schiet ongefilterd uitroept.
Tenzij uw woning geen rolluiken of gordijnen heeft, maar doorzichtige muren die geen geluid weren.
Tenzij u alle details over uw medische gegevens aan een lekkende databank toevertrouwt.
Tenzij u op Facebook volgende zaken deelt: uw salaris, uw stemgedrag, uw seksuele geaardheid, uw aanvaringen met politie en gerecht en wat u echt denkt van al uw Facebookvrienden onder wie uw ex en uw voltallige lieftallige schoonfamilie.
Tenzij u geen beroep uitoefent waarbij loslippigheid uzelf of anderen in gevaar brengt of schaadt. Tenzij u perfect kunt zeggen wat u niet te verbergen hebt, voor wie u dat niet te verbergen hebt en waarom u dat niet te verbergen hebt. En dat u met zekerheid kunt zeggen dat wat u nu misschien niet te verbergen hebt u in de toekomst niet verborgen wil houden.
‘Maar ik heb niets te verbergen.’ Het is een opmerking die in elke privacydiscussie opduikt. Privacy gaat over meer dan niets te verbergen hebben. Privacy gaat over de controle bewaren wat je met wie wanneer deelt. Privacy gaat over jezelf kunnen zijn. In je privéomgeving, maar ook in de publieke ruimte. Het zou maar wat normaal moeten zijn dat wie zich braafjes aan de wet houdt over straat kan lopen zonder gelokaliseerd te worden. Helaas, met de massale uitrol van ANPR-camera’s is elke burger bij voorbaat schuldig.
We hebben dus allen heel wat te verbergen, maar het is verleidelijk om daar snel aan voorbij te gaan. Dat maakt ons kwetsbaar. Grote databedrijven en overheden zien heel goed dat onze gegevens veel waard zijn, veel meer dan we denken, en dat ze hiermee hun machtspositie kunnen versterken zonder zich per se af te vragen of een samenleving er beter van wordt. Technologische vooruitgang zonder morele vooruitgang is achteruitgang. Laten we hierom technologie niet als een natuurwet zien, maar elke technologische innovatie als een moreel vraagstuk.
Er vallen vele vragen te stellen. Zo ook in het geval van ANPR-camera’s. Gebeurt het vergaren van persoonsgegevens transparant en met inspraak van burgers? Wie heeft toegang tot de data? Voor wat dienen ze? Moeten die data echt één jaar worden opgeslagen? Is de technologie feilloos? Wat als de technologie faalt? Of de mens die de technologie hanteert? Hoe verandert de technologie een samenleving? Kunnen we inbeelden wat de gevolgen op termijn zijn van een samenleving vol slimme camera’s? Kunnen we het doel waarvoor de camera’s ingezet worden niet op een minder ingrijpende manier bereiken? Ja, is de technologie echt nodig? En is er voldoende publiek debat gevoerd?
Die en andere vragen niet stellen is nalatig en al deze vragen verdienen gefundeerde antwoorden. Normaal gezien zou er op de gemeenteraad van 30 maart een commissie plaatsvinden over ANPR-camera’s. Een virus gooide roet in het eten. Dat neemt niet weg dat privacy een grote zorg blijft, te meer in het post-coronatijdperk.
Deze column verscheen in De Gangmaker van maart 2020.

Reacties

Vennligst sjekk din e-post og klikk på lenken for å bekrefte din nye e-postadresse.